Boek IV. Het oude huis gorbeau.
Hoofdstuk II. Nest voor uil en vleermuis
Voor dat vervallen Gorbeau-huis hield Jean Valjean stil. Gelijk de nachtvogels had hij dit eenzaam oord gekozen om er zijn nest te bouwen. Hij tastte in zijn vestzak, nam er een sleutel uit, opende de deur, trad binnen, sloot ze zorgvuldig weder en, Cosette steeds dragende, klom hij de trap op....
Hoofdstuk III. Een dubbel ongeluk maakt één geluk
Bij de St. Medardus-kerk zat op den rand van een ouden onbruikbaren put een arme, wien Jean Valjean gaarne een aalmoes gaf. Zelden ging hij dien man voorbij zonder hem een sou te geven. Vaak sprak hij met hem. De afgunstigen op dezen arme zeiden, dat hij „tot de politie” behoorde. ’t Was een...















