Boek V. De kleinzoon en de grootvader.
Hoofdstuk I. Men ziet den boom weder met den zinkpleister
Eenigen tijd na de gebeurtenissen, welke wij verhaald hebben, werd Boulatruelle levendig getroffen. Boulatruelle is die wegwerker van Montfermeil, welken men reeds in de donkere gedeelten van dit boek even gezien heeft. Boulatruelle was, men herinnert het zich misschien, een man, die zich met...
Hoofdstuk II. Marius uit den burgeroorlog gekomen, bereidt zich tot den huiselijken oorlog
Marius was langen tijd noch dood noch levend. Hij lag verscheidene weken in ijlende koorts, die met zeer ernstige hersenverschijnselen gepaard gingen, welke meer nog door den schok der hoofdverwonding veroorzaakt waren, dan door de wonden zelve. Gansche nachten door herhaalde hij den naam Cosette,...
Hoofdstuk III. Marius’ aanval
Op zekeren dag, terwijl zijn dochter de fleschjes en kopjes op het marmer der commode terecht zette, zeide de heer Gillenormand, over Marius gebogen, en op den teedersten toon: „Hoor, Mariusje, in uw plaats zou ik nu meer vleesch dan visch eten. Een gestoofde tong is uitmuntend als men begint te...
Hoofdstuk IV. Mejuffrouw Gillenormand vindt het eindelijk niet kwaad meer, dat mijnheer Fauchelevent iets onder den arm medebracht
Cosette en Marius zagen elkander weder. Wij ondernemen het niet, deze ontmoeting te beschrijven. Er zijn dingen, die men niet moet trachten te schilderen, daaronder behoort de zon. Het geheele gezin, Basque en Nicolette er onder gerekend, was, op het oogenblik dat Cosette binnentrad, in de kamer...
Hoofdstuk V. Men belegge zijn geld liever in een bosch dan bij een notaris
Men heeft waarschijnlijk begrepen, zonder dat het noodig is het uitvoerig te verklaren, dat Jean Valjean, na de zaak Champmathieu, ten gevolge van zijne vlucht van eenige dagen, naar Parijs had kunnen gaan, en bijtijds de door hem, onder den naam van den heer Madeleine van M-sur-M., gewonnen som...
Hoofdstuk VI. De beide oude lieden doen, ieder op zijn wijze, alles om Cosette gelukkig te maken
Men maakte alle toebereidselen voor het huwelijk. De geneesheer, die hieromtrent geraadpleegd werd, verklaarde dat het in Februari kon plaats hebben. Men was in December. Eenige heerlijke weken verliepen in volkomen geluk. De grootvader was niet de minst gelukkige. Kwartieruren lang stond hij in de...
Hoofdstuk VII. De uitwerksels van den droom op het geluk
De verliefden zagen elkander dagelijks. Cosette kwam met den heer Fauchelevent. „’t Is de verkeerde wereld,” zei juffer Gillenormand, „dat de bruid bij den bruidegom komt, om zich het hof te laten maken.” Maar de langzame beterschap van Marius had tot die gewoonte aanleiding gegeven, en...
Hoofdstuk VIII. Twee onmogelijk weder te vinden mannen
Het geluk, hoe groot het ook was, wischte evenwel geen andere gedachten uit den geest van Marius. Terwijl men de toebereidselen voor het huwelijk maakte, en het bepaalde tijdstip afwachtte, liet hij omstandig en nauwkeurig het gebeurde onderzoeken. Hij was aan verschillende zijden dank schuldig;...















